1 / 41

Kopen is kiezen

Kopen is kiezen. Geld. Chartaal geld: munten en bankbiljetten Giraal geld: geld dat op je bankrekening staat. Consumeren en investeren. Consumeren: kopen van goederen en diensten door gezinnen.

malory
Télécharger la présentation

Kopen is kiezen

An Image/Link below is provided (as is) to download presentation Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author. Content is provided to you AS IS for your information and personal use only. Download presentation by click this link. While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server. During download, if you can't get a presentation, the file might be deleted by the publisher.

E N D

Presentation Transcript


  1. Kopen is kiezen

  2. Geld • Chartaal geld: munten en bankbiljetten • Giraal geld: geld dat op je bankrekening staat.

  3. Consumeren en investeren • Consumeren: kopen van goederen en diensten door gezinnen. • Investeren: kopen van goederen en diensten door bedrijven om anderen goederen en diensten mee te produceren (b.v. machines)

  4. Afzet en omzet • Afzet: aantal producten dat wordt verkocht • Omzet: waarde van de afzet, te berekenen door afzet te vermenigvuldigen met verkoopprijs. • Voorbeeld: fietswinkel B. verkoopt in 2012 1.000 fietsen voor gemiddeld € 500. De afzet is dan 1.000 en de omzet is € 500.000.

  5. Marktaandeel • Marktaandeel: welk deel van de totale markt heeft een bedrijf. • Marktaandeel afzet: (afzet van het bedrijf/afzet van de hele markt ) x 100% • Marktaandeel omzet: (omzet van het bedrijf/omzet van de gehele markt) X 100%

  6. Voorbeeld

  7. Markaandelen supermarkten

  8. Marktleider • Bedrijf met het grootste marktaandeel • In Juli had Ipad volgens GFK 54% marktaandeel, wie zijn de andere 46% een overzicht • Jumbo neemt C1000 over voor 900 miljoen

  9. 4.14 • In 2010 worden 1.186.000 fietsen verkocht. Dit is 91,3% (daling van 8,7% tov 2009) van aantal fietsen dat in 2009 wordt verkocht. In 2009 worden dan (1.186.000/91,3%) x 100% = 1.299.014 fietsen verkocht • Gemiddelde prijs 2010 = omzet 2010/afzet 2010 = € 898.000.000/1.186.000 = € 757,17

  10. 4.14 • Gemiddelde prijs 2009 = omzet 2009/afzet 2009. Omzet 2009 = (€ 898.000.000/97%) x 100% = € 925.000.000 • 925.000.000/1.299.000 = € 712

  11. 4.15 • Marktaandeel Accel in omzet = 612,4/898 X 100% = 68,2% • (N-0)/O X 100% = (192.000 – 210.000)/210.000 x 100% = - 18.000/210.000 X 100% = - 8,57% • 192.000/1.186.000 x 100% = 16,1% • Gemiddelde prijs Gazelle = omzet/afzet = € 134.500.000/192.000 =€ 700,50. Gemiddelde prijs accel = € 612.400.000/845.000 = € 724,73

  12. 4.5 Marketing • Marketing: alles wat een bedrijf doet om meer te verkopen • Instrumenten van marketing zijn de vier P’s: prijs, product, plaats en promotie • Hoe deze instrumenten worden ingezet en worden gecombineerd noemen we de marketingmix.

  13. Product Hoe ziet het product eruit en wat kan ik ermee doen. • Kenmerken van het product • Verpakking • Merk (A merk en huismerken; huismerken worden steeds belangrijker in de supermarkten)

  14. Plaats • Waar verkoop ik mijn product? • Op internet en/of in een winkel (brick en click). Click en collect van V&D • Waar in de winkel (bij kassa, vooraan, onderaan in het schap) • Waar staat de winkel ( Kalverstraat, Zuid oost) • Hoe ziet mijn winkel eruit (mooie inrichting, muziek, denk aan Apple store.)

  15. Prijs • Welke prijs vraag ik voor mijn product? • Geef ik kortingen?

  16. Promotie • Reclame • Acties (mini’s, voetbalplaatjes)

  17. Personeel • Vaak kennen we ook nog een 5e P • Namelijk de P van personeel. Deskundig en vriendelijk personeel verkoopt meer

  18. 4.6 Reclame • Commerciële reclame • Ideële reclame (voor een goed doel):Sire: geef kinderen hun spel terug…. • Verborgen reclame (GTST) • Reclamecode: regels over reclame waaraan iedereen zich moet houden (b.v. geen reclames over roken, snoepreclames met een tandenborstel…)

  19. Reclame • Reclame gaat via media. Media zijn de middelen waarmee reclame wordt gecommuniceerd zoals tv, radio, internet, kranten, billboard etc…

  20. 4.7 Consumentengedrag • Duo Penotti. • Duo Penotti en de vier p’s • Prijs • Product: verschillende potten, keurmerk op de pot • Plaats: waar wordt het verkocht, webwinkel, waar staat het in het schap? • Promotie: op tv: twee kleuren in een potti.

  21. 4.7 Consumentengedrag • Marketing en reclame beïnvloeden ons bij het maken van keuzes.

  22. Hulp….. • Consumenten organisaties en keurmerken helpen ons bij het maken van keuzes. • Consumenten organisaties: consumenten-bond, vereniging eigen huis, anwb. Helpen b.v. met vergelijkend waren onderzoek. • Keurmerken: helpen ons bij maken van keuzes • Er zijn heel veel keurmerken, waaronder utz

  23. Eko • Biologische producten • Bekendste keurmerk

  24. Fair trade • Keurmerk voor eerlijke handel, boeren krijgen minimumprijs voor hun producten

  25. Kema keur • Veiligheid electrische apparaten • Marketing instrument

  26. Made by • Keurmerk voor verantwoorde kleding

  27. UTZ • Keurmerk voor duurzame landbouw • Opgericht door Albert Heijn

  28. Filmpjes • Made by en UTZ

  29. MVO • Maatschappelijk verantwoord ondernemen • Ondernemen gericht op winst maar rekening houdend met mens en natuur • We spreken ook wel van de drie P’s (profit, planet en people)

  30. Drie p’s • Profit: winst • People: goede lonen, goede arbeidsomstandigheden, geen kinderarbeid • Planet: geen milieuvervuiling, lage Co2 uitstoot, afvalscheiding etc

  31. MVO • Steeds meer bedrijven doen aan mvo • Steeds meer bedrijven zetten mvo in als marketinginstrument

  32. Opdracht eigen spijkerbroek (of ander kledingstuk) • Van welk merk is je spijkerbroek? • Wat heb je ervoor betaald? • In welk land is je spijkerbroek gemaakt? • Wat doet de fabrikant/winkel waar je de broek hebt gekocht aan mvo (zoek op internet)? • Opdracht verwerken in je werkstuk bij mvo

  33. computerlokaal • Opdracht over mvo (eigen spijkerbroek) • en ga verder met het werkstuk • Toets 26 maart……over hoofdstuk 4 • Opdracht Efteling: maken en telt mee voor rapport • Volgende week sommen oefenen. • Boekjes met uitwerkingen

More Related