1 / 89

vasculairegeneeskunde.nl

darci
Télécharger la présentation

vasculairegeneeskunde.nl

An Image/Link below is provided (as is) to download presentation Download Policy: Content on the Website is provided to you AS IS for your information and personal use and may not be sold / licensed / shared on other websites without getting consent from its author. Content is provided to you AS IS for your information and personal use only. Download presentation by click this link. While downloading, if for some reason you are not able to download a presentation, the publisher may have deleted the file from their server. During download, if you can't get a presentation, the file might be deleted by the publisher.

E N D

Presentation Transcript


    1.

    5. Topics Niet alle diabetes is type 2 Van overgewicht naar insulineresistentie – de rol van de lever Een derde onderwerp naar keuze

    6. Consult op oogheelkunde – glasvochtoperatie ivm bloeding Bekend met diabetes, spuit 2 dd Mixtard 30/70, G 86 kg, L 1.66 Advies?

    7. 15 Jaar oud - diabetes geconstateerd - veel drinken, plassen: Insuline 20 jr gravida - eind lage glucosewaarden - insulinedosis gehalveerd 24 jr idem. Na zwangerschap stop insuline - 17 jaar tabletten, SU. Negen jaar geleden weer insuline 26 - 28E Mixtard 30/70. Modelpatient; HbA1c 6.9%. Gewicht laatste 10 jaar 20 kg omhoog, nu 86 kg bij lengte van 1.66

    8. Welke gegevens zou U nog meer willen hebben? A. Plasma C-Peptide B. Anti-GAD-antistoffen C. Lipidenprofiel D. Familie anamnese

    9. Familie anamnese 1 zus (47) diabetes, diagnose op 15-jaar, ~25 jaar tabletten, nu insuline 1 broer (55) diabetes, diagnose 16 jaar, meer dan 10 jaar tabletten 1 broer (57) geen diabetes, 1 broer (54) “zit er tegenaan”. Vader diabetes vanaf 19e jaar. Overleden op 48-jarige leeftijd. Moeder gb Twee dochters; een (25) diabetes op 12 jaar - tabletten ; momenteel tolbutamide 250 mg Een nicht (34) ook diabetes. Tolbutamide od dag.

    10. Wat is dit voor diabetes? A. Toch gewoon type 2 diabetes B. Latent Autoimmune Diabetes in Adults (LADA) C. Type 1½ diabetes D. Maturity-onset diabetes of the Young (MODY)

    11. MODY Autosomaal dominante overerving Diabetes bij tenminste een deel van de familieleden vastgesteld vóór leeftijd van 25 jaar Gedurende enige tijd te behandelen met orale middelen. Pte: mutatie in HNF1?-gen (delC291)

    12. Tot nu toe gevonden genmutaties bij MODY Hepatocyte Nuclear Factor 4 ? Glucokinase Hepatocyte Nuclear Factor 1 ? Insulin promotor Hepatocyte Nuclear Factor 1 ? NeuroD1 NB. Vijf van de zes: transcriptiefactoren

    13. Diagnose: MODY3 Diagnose geeft meer informatie over beloop en prognose Voorlichting andere familieleden: Wel of niet screenen erfelijkheidsadviezen Therapie: MODY is geassocieerd met SU- (hyper) sensitiviteit

    14. ADA diabetes classificatie 1997 I. Type 1 diabetes (betaceldestructie) II. Type 2 diabetes III. Andere specifieke types A. Genetische betaceldefecten 1. Chromosoom 12, HNF 1? (MODY3) 2. Chromosoom 7, glucokinase (MODY2) 3. Chromosoom 20, HNF 4? (MODY1) 4. Mitochondrieel DNA B. Genetische stoornissen in insulinewerking

    15. Diabetes classificatie 1997 (2) III. Andere specifieke types C. Exocriene pancreasziekte D. Endocrinopathien E. Geneesmiddel en chemisch-geïnduceeerd F. Infecties G. Ongewone vormen van immuun-gemedieerd H. Andere genetische syndromen geassocieerd met diabetes IV. zwangerschapsdiabetes

    16. Moraal Niet alle diabetes is type 2 Type 1 ? type 2 qua indicaties statines ed Denk aan type 1 op oudere leeftijd (LADA) Gehele bevolking dikker dus ook type 1 Moeilijk: presentatie diabetes 15-40 zonder keto-acidose

    18. Type 2 diabetes Combinatie van defect in insulinesecretie (insulinedeficientie) en stoornis in de insulinewerking (insulineresistentie)

    26. Insulineresistentie en type 2 diabetes Geen diabetes zonder betacel defect, hoe ernstig de insulineresistentie ook is Betaceldefect: ws genetisch bepaald Hoe insulineresistenter een risicopersoon, hoe meer kans op het ontstaan van diabetes op jongere leeftijd Meeste mensen die insulineresistent zijn hebben echter geen diabetes

    27. Overgewicht en Insulineresistentie Mogelijke verklaringen: Vetdepositie in “non-fat tissue (‘ectopic fat’)” Vetweefsel “hormonen”: Adiponectin

    29. Ectopisch vet Lever Spier Pancreas Visceraal? Nier?

    39. Correlation between insulin sensitivity and TG in muscle

    41. Correlation between insulin sensitivity and TG in muscle

    43. Effect of pioglitazone on IMCL in FCH

    45. Vet in lever

    50. Relation between liver fat content and insulin sensitivity

    54. WoSCoPS: metabolic syndrome and ALT

    55. WoSCoPS: ALT and Diabetes Incidence

    61. Effect van liposuctie 15 vrouwen met fors overgewicht (BMI 35 kg/m2): 8 met IGT, 7 met type 2 DM Large volume liposuction: 9.1?3.7 kg bij IGT en 10.5 ? 3.3 kg bij DM2 Reductie in totale vethoeveelheid: IGT 18 ? 3%, DM2 19 ? 2% Effect op metabole parameters?

    62. Large volume liposuction

    64. Visceraal vet VOOR Middelomvang gecorreleerd met insulinegevoeligheid Cross-sectionele en prospectieve relaties TEGEN Intra-abdominaal: 15-18% bij mannen 7-8% bij vrouwen Is ~ ongewijzigd bij mensen met overgewicht FFA-flux: ~15% komt vanuit intraperitoneaal

    66. Samenvatting Zowel hoeveelheid vet in lever als hoeveelheid vet intramyocellulair zijn gecorreleerd met insulineresistentie Verandering in insuline-gevoeligheid lijkt gepaard te gaan met verandering in hoeveelheid ectopisch vet Hoeveelheid levervet belangrijke variabele Visceraal vet: relevant? Wellicht wel voor insulineresistentie lever, waarschijnlijk niet skeletspier

    67. Vragen en Praktische consequenties? Oorzaak gevolg relatie? Wat bepaald ectopisch vetopslag? Leverenzymen: maat voor insulineresistentie en kans op type 2 diabetes Levervet vrijwel zeker ~ metabool syndroom Levervet prognostisch voor reactie op therapie? Levervet en cardiovasculaire risico?

    69. Overgewicht en Insulineresistentie Mogelijke verklaringen: Vetdepositie in “non-fat tissue (‘ectopic fat’)” Vetweefsel “hormonen”: Adiponectin

    72. Effect of adiponectin on liver steatosis

    73. Effect of TZD treatment on liver steatosis

    74. Conclusie Vethormonen (adiponectine!) belangrijke schakel tussen overgewicht en insulineresistentie Wellicht via AMK-kinase Aantrekkelijk farmacologisch target TZD’s ~ adiponectine-agonisten

    82. Position in Model Variable P Value First Low-density lipoprotein cholesterol <.0001 Second High-density lipoprotein cholesterol .0001 Third Hemoglobin A1C .0022 Fourth Systolic blood pressure .0065 Fifth Smoking .056 Established Risk Factors in Type 2 Diabetes

    83. Effect of metformin on any diabetes-related endpoint

    84. Reducing macrovascular complications requires more than improved glycemic control

    85. UKPDS: Metformin in Overweight Patients Intensive metformin therapy (n=342) vs diet (conventional) therapy (n=411). Results: 32% risk reduction in any diabetes-related endpoints p=0.0023 42% risk reduction in diabetes-related deaths p=0.017 36% risk reduction in all cause mortality p=0.011 39% risk reduction in myocardial infarction p=0.01

    86. Metformin Comparisons

    89. Glucoseregulatie en CV-ziekte Hyperglycemie mn relevant tav microvasculaire complicaties (=quality of life) Glucoseregulatie vrijwel zeker relevant voor CV-complicaties – afhankelijk van manier waarmee glucose wordt verlaagd? Mensen leven niet alleen om zo oud mogelijk te worden

More Related