Download
formules n.
Skip this Video
Loading SlideShow in 5 Seconds..
Formules PowerPoint Presentation

Formules

230 Vues Download Presentation
Télécharger la présentation

Formules

- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - E N D - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Presentation Transcript

  1. Formules Wetenschappelijk onderzoek naar chemische formules

  2. Wetenschappelijk onderzoek Stand van zaken: • Onderzoek naar chemische reacties • Hoeveelheid betrokken stoffen (één  meer) • ENKELVOUDIGE STOFFEN • Welke stoffen reageren • ELEMENTENTHEORIE • Elementenanalyse • KOMMAFORMULES

  3. Wetenschappelijk onderzoek • Wetenschap levert kennis en inzicht (regelmatigheden) op ZUIVER (interesse, nieuwsgierigheid) TOEGEPAST (toepasbaar in maatschappij)

  4. Wetenschappelijk onderzoek

  5. Waarneming Zelfde kommaformules Kwantitatieve gegevens verzamelen Massaverhoudingen en volumeverhoudingen bepalen = regelmaat van Gay-Lussac Hypothese: Gasvormige stoffen reageren in volumeverhoudingen van gehele getallen Wetenschappelijk onderzoek V = m / d Verifiëren

  6. Ho + Clo H,Cl No + Oo  N,O N,O + Oo  N,O No + Ho  N,H H,O  Ho + Oo = 1 : 1 : 2 = 1 : 1 : 2 = 2 : 1 : 2 = 1 : 3 : 2 = 2 : 2 : 1 Reacties met gassen Regelmaat van Gay-Lussac blijkt te kloppen

  7. Wetenschappelijk onderzoek

  8. Ho + Clo H,Cl No + Oo  N,O N,O + Oo  N,O No + Ho  N,H H,O  Ho + Oo = 1 : 1 : 2 = 1 : 1 : 2 = 2 : 1 : 2 = 1 : 3 : 2 = 2 : 2 : 1 Reacties met gassen Regelmaat van Gay-Lussac blijkt te kloppen Wet van Gay-Lussac

  9. Formules • Hoe kunnen we de wet van Gay-Lussac gebruiken voor chemische formules? • Letten op de hoeveelheid element per liter gasvormige stof

  10. Formules • Voorbeeld reactie: de vorming van waterstofchloride • Ho + Clo H,Cl • Volumeverhouding 1 : 1 : 2 • 1 Ho + 1 Clo 2 H,Cl 1 portie element H 0,08 gram / L 0,04 gram / L 2 porties element H

  11. Formules • Door in porties te redeneren kunnen we chemische formules aanpassen met kwantitatieve gegevens (=aantal porties element / L) • H2 en H1Cl1 en index 1 wordt vaak niet vermeld • H2 en HCl

  12. Formules • De hoeveelheid element v/e stof veranderd nooit. Dus: • H2 is altijd H2 INDEX zegt iets over de hoeveelheid element

  13. Formules • Consequentie: • uit 1 L H2 kan nooit 3 L nieuw gas ontstaan.

  14. Formules • Nog een keer: • 1 N2o + 3 H2o  2 N,H 2 N1H3

  15. Formules • Naamgeving • Triviaal (bijv: chloroform) • Kan geen formule afleiden m.b.v. naam • Systematisch (= volgens systeem / afspraak) • Bij verbinding van 2 niet-metaal elementen • Nummerieke voorvoegsels (mono, di, tri,…) • Mono vooraan wordt weggelaten

  16. Formules • Hoe dan het (gas)volume te bepalen van vloeistoffen / vaste stoffen. (bijv. alcohol en jood) “LITER”MASSA LITERMASSA gassen vloeistoffen / vaste stoffen Pa * Va = Pb * Vb Ta Tb MASSA BEPALEN + 1,27 gram VERDAMPEN en OMREKENEN

  17. Formules • Hoe dan als je stoffen niet kunt verdampen? (Bijvoorbeeld suiker, thermolyse) • Toevalligheid: v.p.v. • Oplossen van 1 liter gas in 1 liter water levert een v.p.v. van -0,75 °C. • V.P.V = -0,75.Volume • Volume = V.P.V / -0,75

  18. Formules • Toepassing: • Het oplossen van 14,1 gram suiker levert een V.P.V van -0,75. • Volume = -0,75 / -0,75 = 1,0 L • Dus “liter”massa suiker is 14,1 g/L.

  19. Formules • Hoe nu naar de formule van suiker? • C,H,O + O2 CO2 + H2O 10 g 11,1 g 15,4 g 5,7 g 10 / 14,1 11,1 / 1,31 15,4 / 1,80 5,7 / 0,73 0,71 8,5 8,5 7,8 1 12 12 11 • C,H,O + 24 O  24 O 11 O 12 C 22 H • C12H22O11

  20. De mol • Alles afleiden met gassen of omrekenen naar gassen met “liter”massa. • Omzeilen: andere terminologie • Vergroten elementporties (g/L) naar (g / 24,5 L) of (g/mol)

  21. De mol • Waarom 24,5 liter? • Deze hoeveelheid is de elementmassa • (Zie TUE tabel 7 of BINAS)

  22. De mol MOL gassen vast, vloeibaar, gas 24,5 liter gas (bij 25 °C) x gram stof Molmassa Elementmassa Molvolume Molair volume

  23. De mol • Porties (=mol) oplossen. • 1 mol stof oplossen in 1 liter = 1 molair • 1 molair = 1 M.

  24. Reactievergelijking • Reactieschema zonder kwantitatief elementbehoud: • NO + O2 N2O4 dus: • 2 NO + 1 O2 1 N2O4 Index = hoeveelheid element per mol Coëfficiënt: hoeveelheid mol stof

  25. Chemisch rekenen • Zelf molverhouding afleiden uit reactieschema is kloppend maken. • Dus: Ken je chemische formules! • Uit de molverhouding kan men de massaverhouding bepalen en daarmee rekenen = chemisch rekenen!

  26. Chemisch rekenen • Bijv: Hoeveel gram CO2 ontstaat bij de verbranding van 100 gram methaan? • C1H4 + O2 CO2 + H2O 1 C1H4 + 2 O2 1 CO2 + 2 H2O 16 gram 64 gram 44 gram 36 gram 100 gr x gram • X = (100 * 44) / 16 • X = 275 gram

  27. Chemisch rekenen • Bijv. Hoeveel ijzeroxide is nodig bij de productie van 1 ton ijzer? • Fe2O3 + C  Fe + CO2 • 2 Fe2O3 + 3 C  4 Fe + 3 CO2 1422 kg 1000 kg x 159,8 / 55,9 x (2/4) 8,9 kmol 17,9 kmol